het belang van bomen

Thea van hoof • 13 augustus 2026

tuinieren bij extreem weer

De zomer van 2026 gaat de boeken in als alweer een zomer met droogte- en hitte records. Hier in de kruidentuin is het al maanden erg droog, met slechts een paar buitjes van maximaal 4 mm regen. En dat is al weer een paar weken geleden. Intussen was het vandaag (alweer) 35 graden in de schaduw met aardig wat wind. Het vergt het uiterste van de planten.

Het gras is weer totaal verdord maar daar zit ik niet mee: gras komt altijd wel weer terug. De meeste gewassen hebben in het begin van het groeiseizoen nog wel genoeg water gehad om een normale oogst mogelijk te maken. Het enige gewas waarvan ik nog dagelijks de bloemen pluk, is de goudsbloem: de zalf is nog niet klaar. Ik moet nog 1 week kunnen plukken dus ik doe er alles aan om die planten aan het groeien en bloeien te houden. Dat kan onder deze omstandigheden maar op 1 manier: water geven! Gelukkig is er nog grondwater, al is het peil zo ver gezakt dat de pomp niet meer genoeg druk kan opbouwen om twee sproeiers te laten draaien. Er draait er dus maar 1 tegelijk en dan elke avond op een andere plek. Overdag sproeien doen we nooit. Dat zou verspilling zijn: driekwart van het water verdampt voordat het de wortels van de planten bereikt. Liever sproeien we in de avond een aantal uren zodat het water de hele nacht de tijd heeft om in de grond te trekken.


De vaste planten die naast de goudsbloemen staan krijgen dan vanzelf af en toe wat water mee en dat blijkt maar goed ook. Zelfs de droogte-minnende planten als lavendel en rode zonnehoed beginnen er dor uit te zien. Hopelijk duurt deze extreme zomer niet al te lang meer.


Dan zijn er nog de sloot- en oeverplanten.... Van de valeriaan is niets meer te vinden helaas. Die komt wel terug als het weer gaat regenen. Dit heb ik vaker meegemaakt dus ik heb er wel vertrouwen in dat er onder de grond nog leven in zit.
Mijn grootste zorgenkind is nu de smeerwortel. Die houdt van natte voeten en groeit in het wild liefst in slootkanten of natte weilanden. Hier staat hij ook op de laagst gelegen gronden, maar daar is nu natuurlijk allang geen water meer te vinden. Zeker de jonge planten die afgelopen winter geplant zijn (na de oogst) hebben het zwaar. Ik heb twee grote bedden smeerwortel. Elke winter oogst ik er 1 helemaal leeg, waarna ik het bed weer vol plant. Deze jonge planten krijgen twee jaar de tijd om te groeien voordat ze weer aan de beurt zijn. Maar dan moeten ze wel water krijgen! Hier staat de sproeier daarom ook zeker 1 maal per week een avond te draaien en dat is maar net genoeg om de planten in leven te houden. En hier is nu heel duidelijk te zien hoe belangrijk bomen zijn.

Een deel van het bed krijgt in de ochtend een aantal uren schaduw van een vrijstaande grote eikenboom. Een ander deel krijgt in de namiddag schaduw van een vrijstaande notenboom. Alleen het stuk in het midden heeft de hele dag zon en juist hier staan de plantjes te kwijnen. Het is duidelijk dat er nog een schaduwboom bij moet en wel eentje die snel groeit en mooie, zachte schaduw geeft. Een berk dus, vanzelfsprekend. Komende herfst zal ik er eentje planten en dan hopen we maar dat het volgend jaar beter gaat met de smeerwortel.


door Thea van hoof 25 juni 2026
Dit bericht over Sint-Janskruid heb ik een paar jaar geleden geschreven, maar het is zo actueel dat ik het gewoon nog een keer plaats. Dit jaar is de Sint-Janskruid in de tuin erg vroeg in bloei en de planten zijn enorm groot, waardoor het plukken van de bloemetjes veel gemakkelijker is: ik hoef er niet bij te bukken! Nu merk ik dat er over dit kruid veel misverstanden bestaan, dus ik wil er even op inzoomen. Sint-Janskruid is een heel algemeen voorkomende plant op zanderige bodems op zonnige plaatsen; je ziet hem dus veel staan in wegbermen en op taluds. De plant wordt ongeveer zo hoog als het omringende gras en doet er alles aan om daar bovenuit te komen met zijn zonnig gele bloemetjes. In principe is het een éénjarige plant, maar vaak overleeft hij de winter en bloeit het volgende jaar gewoon weer. Deze plant dankt zijn naam aan het feit, dat hij begint te bloeien op de feestdag van Sint Jan ofwel Johannes de Doper, die valt op 24 juni. Op die dag vieren we de zomerzonnewende, zoals het feest van de winterzonnewende begint op 24 december, kerstavond. Nu was het de afgelopen paar jaar zo dat de bloemen van het Sint-Janskruid een paar weken vóór 24 juni al verschenen, maar dit jaar liep hij weer keurig in de pas. De plant bloeit de hele zomer door met elke dag nieuwe bloemetjes. De bloemetjes zijn zonnig geel en hebben een stralenkransje van gele meeldraden. Ik ken geen zonniger bloem dan deze. Ik pluk (ijs en weder dienende; het moet wel droog zijn) dagelijks deze bloemetjes en doe ze in olie, die ik vervolgens in het volle licht zet om te trekken. Door inwerking van zo veel mogelijk zon, wordt het zonnige karakter van het Sint-Janskruid nog versterkt en kleurt de olie rood.
door Thea van hoof 12 mei 2026
een nieuw seizoen
door Thea van hoof 9 januari 2026
De kruidentuin in de sneeuw
door Thea van hoof 13 oktober 2025
helmkruid in de herfst
door Thea van hoof 15 juli 2025
Niet de gemakkelijkste....
door Thea van hoof 17 maart 2025
Er zijn meerdere manieren om van een stuk grond, dat met gras of "on"kruiden begroeid is, een schoon nieuw plant- of zaaibed te maken. Wat ik als meisje van mijn vader leerde was een intensieve, maar ook heel effectieve methode: mest er over uitspreiden en dan twee spaden diep omspitten. Wat je krijgt is schone, onbegroeide grond waar bovendien niet al te veel onkruidzaden inzitten. Je hebt immers de nieuwe bovenlaag flink diep weggehaald. Tijdens dit spitten kon je dan ook nog alle wortelonkruiden zoals kweekgras er uit vissen. Tegenwoordig weten we dat dit diepe spitten ook nadelen heeft: het is een enorme verstoring van het bodemleven. Je zet het letterlijk op z'n kop en verbreekt vele verbindingen die in de bodem bestaan, van schimmels en fijne wortelstelsels. Bovendien stop je de mest zo diep weg, dat het een hele tijd duurt voor je nieuwe planten er iets aan hebben. Diep spitten of ploegen is tegenwoordig "not done". Toch moet er iets gebeuren, zeker als je een dichte grasmat hebt. Helemaal bedekken met karton is de laatste jaren een populaire methode. Als je de begroeiing onder het karton stopt en dan bovenop het karton een laagje grond aanbrengt, vergaat het gras door gebrek aan licht. Het wordt dan door het bodemleven omgezet in humus. Het karton vergaat ook en de wortels van je nieuwe planten groeien er gemakkelijk doorheen. Als je voor de bovenlaag bovendien steriele potgrond of compost gebruikt, heb je de eerste tijd geen last van onkruid. Een mooie methode die prima werkt voor een kleine stadstuin of een moestuinbak; als je dit wilt toepassen op de schaal waarop ik werk, moet je hele vrachtwagens grond van elders aanvoeren. En dat niet 1 keer, maar elk jaar opnieuw, als je steeds met schone, onkruidvrije grond wilt werken. Dat is geen doen, kost te veel brandstof en het zou de tuin ook in korte tijd flink ophogen. Karton aanbrengen zonder de laag grond eroverheen, kan ook. Ik heb het geprobeerd op plekken waar ik al flinke planten klaar had staan om er in te zetten. Gat snijden in het karton en de plant poten in de grond die daar onder zit, water gieten, klaar. Helaas is karton niet erg bestand tegen wind en regen, dus het onkruid-onderdrukkende effect is van korte duur. Ik vond na elke windvlaag stukken karton op de gekste plekken terug. De methode die ik bij voorkeur hanteer, is afhankelijk van het weer: ik gebruik een kleine frees, in mijn geval getrokken door een kleine tuinbouwtrekker, om de begroeiing kapot te klepelen. Ik frees daarbij zo oppervlakkig mogelijk. De planten worden door de draaiende tanden losgeklepeld van hun wortels en gaan dood. In elk geval bij droog en zonnig weer. Bij nat weer met veel regen is deze methode eigenlijk niet bruikbaar, omdat de planten gewoon opnieuw wortelen. Maar gelukkig was het de laatste week precies het goede weer: droog, zonnig, met een flinke wind en vorst in de nacht. Dat overleven de graszoden niet. Ook kweekwortels die aan de oppervlakte komen, gaan op deze manier dood. Droogte is zo ongeveer het enige waar kweekgras niet tegen kan. Na een paar dagen uitdrogen kan ik dan nog een keer dieper frezen en voila: een mooi nieuw zaaibed, kaar voor gebruik.
door Thea van hoof 29 december 2024
het wilgenbosje
door Thea van hoof 5 augustus 2024
In de zomer wordt de kruidentuin beheerst door één plant, de goudsbloem. Fel oranje bloemen in lange rijen, afgewisseld met wat geel van het SintJanskruid of wijnruit, en veel groen van allerlei andere kruiden. Maar het oranje overheerst. De oogst is min of meer “binnen” maar de planten zullen nog een hele tijd bloeien. Je hoeft goudsbloem niet te gebruiken om er gezonder van te worden: alleen al het kijken naar die kleur maakt je vrolijk en dat is goed voor je! Ik gebruik goudsbloemen in diverse producten: goudsbloemzalf natuurlijk, goudsbloem huidolie maar het zit ook in littekenzalf en berken huidolie. Ik ken weinig planten die zo goed zijn voor de huid als deze! Wat er ook met de huid aan de hand is: goudsbloem is altijd goed. Geneeskrachtige planten bevatten werkzame inhoudsstoffen en sommige van die inhoudsstoffen zijn kleurstoffen: anthocyanen (blauw), flavonoïden(geel), xanthonen (ook geel). Ook in de goudsbloem is een deel van de helende werking op de huid, terug te voeren op de kleurstoffen in de plant. Daarom wil ik mijn goudsbloemen oogsten als ze zo oranje mogelijk zijn. Daarvoor kun je het beste de bloemen jong plukken: als de eerste bloemen open gaan is de kleur het meest intens. Wordt de plant wat ouder, dan wordt het oranje wat bleker. Vandaar dat ik zo jong mogelijk pluk. Als ik eenmaal genoeg geplukt heb, laat ik de planten verder hun gang gaan. Ze zullen blijven bloeien tot het gaat vriezen in het najaar, dus daar kan ik nog maanden van genieten. Goudsbloem is niet inheems in Nederland. De oorsprong ligt meer zuidelijk, in een milder klimaat zonder winterse vorstperiode. In dat klimaat kan goudsbloem het jaar rond bloeien (mogelijk is de naam Calendula afgeleid van kalender?) maar in Nederland is het een éénjarige, die in de winter verdwijnt. Op beschutte plekken in de bebouwde kom zie je ze wel eens overwinteren, maar hier in het open veld is dat nog nooit gebeurd. Geen nood: al die bloemen vormen heel veel zaden, die na de winter vanzelf kiemen. Meestal is het niet nodig om goudsbloem te zaaien in het voorjaar: dat heeft de plant zelf al gedaan. Maar ja, ik ben een tuinvrouw en ik wil graag zelf bepalen welke plant wáár komt te staan. Ik moet er ook langs kunnen lopen om te plukken, dus een paadje naast de goudsbloemen is belangrijk. Uiteindelijk zaai ik dus toch zelf, netjes in rijen. Of ik spit de spontaan opgekomen plantjes uit en plant ze in een rij terug op de plek waar ik ze hebben wil. Dit jaar liep het wat anders: door de nattigheid zijn er (nog steeds!) erg veel slakken die graag eten van pas ontkiemde goudsbloemplantjes. Ik heb tot drie keer toe opnieuw moeten zaaien. Pas toen het een paar dagen achter elkaar niet regende zodat het voor de slakken wat moeilijker wordt om overal naar toe te kruipen, kregen de goudsbloemplantjes de kans om dóór te groeien. En werd de tuin alsnog een feest van kleur.
door Thea van hoof 6 juni 2024
tuinieren na de zondvloed
door Thea van hoof 15 maart 2024
dilemma